Magazine

BLOG MARIKE AERTSSEN - ODE AAN DE DUP20 februari 2020, 08:29

de DUP zelfst.naamw. (m./v.)

Verbuigingen: duppie

1) docent uit de praktijk

2) geen verwijzing naar Democratische Unionistische Partij (politieke partij in Noord-Ierland)

3) afgeleid van en geïnspireerd op ‘wuppie’ (een slim marketinginstrument, ingezet tijdens het WK in 2006 om positieve associaties en het gevoel van eenheid te verankeren). Net zo iconisch, maar hier moet met klem worden benadrukt dat er geen gelijkenissen worden getrokken m.b.t. uiterlijke kenmerken.

Those who can’t do, teach. Zeg dit tegen een dup en je krijgt ervan langs. Deze mensen staan met één been middenin de praktijk en met de ander in het onderwijs. Dankzij hen weet je zeker dat je kennis van deze tijd meekrijgt: nóg een voordeel van deeltijd studeren.

De dup herrezen

Even terug in de tijd: zo’n 8 jaar geleden nam de belangstelling voor deeltijdonderwijs in het HBO flink terug, en hier moest verandering in komen. Een belangrijk -zo niet het belangrijkste- element om het deeltijdonderwijs weer aantrekkelijk, betrouwbaar en valide te maken? Juist, de dup. Praktijkonderwijs vraagt om praktijkgerichte mensen, en zij vormden daarom dé doelgroep die het verschil zou moeten gaan maken. Hoewel het deeltijdonderwijs inmiddels in populariteit is toegenomen, vind ik persoonlijk dat de dup nog te vaak niet naar waarde wordt geschat.

Ik wil en ga docenten die werken in voltijd niet benadelen -ik ben er tenslotte zelf ook één- maar ikzelf zou niet anders meer willen dan een dup. Je ziet vaak dat docenten die in voltijd werken hun kennis een aantal keer per jaar moeten bijspijkeren door het volgen van cursussen en trainingen. Alleen maar goed, maar een dup wordt zo’n beetje elke minuut van de dag met de neus op de harde feiten gedrukt om dit vervolgens als lesstof te gebruiken. Sterker: wat de dup heeft meegemaakt of wat hip en actueel is op woensdagochtend, komt meestal op woensdagmiddag terug in een zorgvuldig last-minute aangepaste PowerPointpresentatie.

De kracht van de dup

Ik kan me herinneren dat er aan deeltijders werd gevraagd of zij nog wel behoefte hadden aan wekelijkse contactmomenten, en wellicht liever meer online -en dus zelfstandig- wilde leren. De reactie? Liever niet, want ruim de helft van de kennis die wordt opgedaan komt rechtstreeks van de dup en niet uit de boeken. Daarnaast is (het nut van) sommige theorie lastig te vatten, en dan is het de dup die een heldere link kan leggen met de praktijk of eigen ervaringen.

En dan de spar- en brainstormmomenten. Wij, de wuppies met nieuwsgierige grote ogen en vastgeplakt aan onze stoel, willen namelijk alles, maar dan ook álles weten wanneer er een casus wordt besproken: hoe zou de dup dit aanpakken? Waarom wel? Waarom niet? Heeft de dup dit weleens meegemaakt? Kan men een voorbeeld noemen uit de praktijk? Een succesverhaal? Een minder succesvol verhaal? Krijgt men al hoofdpijn van al die vragen? Een ‘risico’ van het vak als je dup bent, maar die heeft immers wel alle inside information. Wellicht kan Advil met spaaracties gaan werken..?

De associatie- Hall of Fame

De lijst met voordelen van een dup is eindeloos, maar er zit een kleine ‘maar’ aan: het moeilijk los kunnen koppelen van de dup en de module die je hebt gehad. Je ziet dezelfde gezichten steeds vaker naarmate je in hogere jaren komt: persoonlijk vind ik dit best prettig. Dat heeft er alleen wel voor gezorgd dat ik bij het horen van bepaalde termen gelijk moet denken aan ‘die ene dup’. Ik hoorde een collega spreken over hoe hij een type attributie koppelde aan het gedrag van een leerling. In gedachten hoorde ik Rita zich in het gesprek mengen. Of tijdens een vergadering vorige week, toen de term ‘content’ voorbijkwam. Ineens stond Roy daar. Toen mijn vriend het had over het innemen van een andere positie binnen zijn werk, zag ik Annemieke over zijn schouder meeluisteren.

Als ik een persvoorlichter ‘integendeel’ hoor zeggen, hoor ik Johan. En als ik lees over hoe jezelf als brand moet neerzetten, leest Paula met me mee. Om maar even aan te geven hoeveel impact een docent kan hebben. Dit blok staan overigens issues en crises op het programma, dus de gedaante van crisiskoningin Yvonne -en Paula trouwens ook: aan die vrouw is niet te ontkomen- krijgen zonder twijfel een plaats in de duppie hall of fame.

Dus, aan alle duppies die dit lezen: de term mag dan wel afgeleid zijn van wuppie, maar alleen omdat ik jullie iconisch vind en van mening ben dat jullie goud waard zijn. Ik wil niet gelijk stellen dat jullie pluizig en schattig zijn, maar wel dat jullie door jullie inzet een blijvende impact hebben gehad en dat altijd zullen hebben. In tegenstelling tot de pluizige plakbeestjes zijn jullie zeker geen trend, rage of hype. Nee, jullie zullen voor áltijd blijven plakken -sowieso in míjn geheugen-, dat is zeker.

Tekst door: Marike Aertssen, student Communicatie Deeltijd. Volg haar op LinkedIn.

Lees verder

BLOG MARIKE AERTSSEN - IK ZIE, IK ZIE WAT JIJ NIET ZIET26 november 2019, 09:47

Het leuke aan een deeltijdstudie is dat je opdrachten doet met je organisatie als uitgangspunt. Het allerleukst: je organisatie kan de opdrachten wellicht gebruiken. Je maakt een mooi verslag, krijgt er een nog mooier cijfer voor en legt dit voor aan je leidinggevende. Niet veel later kom je erachter dat je verslag onderaan de stapel is beland. “Komt vast omdat het zo druk is”, zeg je tegen jezelf. Twee verslagen later lijkt dit eerder regel dan uitzondering, en je merkt dat het je frustreert.

Wat doe je wanneer men je als gesettelde werknemer in je huidige functie ziet, in plaats van een enthousiaste collega die ook student is met bakken aan nieuwe kennis en fantastische ideeën? Een 7-tal tips die kunnen helpen met het jezelf (opnieuw) positioneren binnen je organisatie.

Kijk in de spiegel

Allereerst: maak je jezelf – bewust of onbewust – onzichtbaar of stel je je te bescheiden op? Dit zijn namelijk zaken die je (werk)leven knap lastig kunnen maken als je hier last van hebt en jouw gewenste groei tegenhoudt. Vraag het desnoods aan ‘de man op straat’: hoe zien zij jou? Treedt wat verder op de voorgrond in bijvoorbeeld vergaderingen en pak de kans je input te geven. Vraag aan collega’s (en leidinggevende!) of je iets voor ze kunt betekenen, en vraag tegelijkertijd ook hulp wanneer nodig. Ook niet onbelangrijk: toon interesse. Zoek je collega’s op, vraag waar men mee bezig is. In deze maatschappij waar alles als een sneltrein gaat en er meer behoefte is aan persoonlijk contact, wordt een leuk gesprek altijd gewaardeerd.

De kracht van herhaling spam

Je verslag afgeven bij je leidinggevende en er daarna niet meer op terugkomen, is nooit een goed idee. Besef je dat men ook druk is en het vergeten te lezen hiervan gebeurt niet altijd bewust. Kom er op terug: niet dagelijks, maar plan elke week een moment in waarop je de vraag stelt of men het verslag al heeft gelezen. Kost je 5 minuten. Ikzelf deed dit altijd op maandagochtend en vrijdagmiddag: het principe dat de eerste en de laatste indrukken van een werkdag- en week langer blijven kleven heeft me hierbij geholpen. Dus wees op maandag de eerste en op vrijdag de laatste die je leidinggevende nog even komt “spammen”.

Van spam naar gesprek

Krijg je regelmatig te horen “Nog geen tijd voor gehad” of “Dat komt wel”? Plan dan een gesprek in. De kracht van herhaling kan nuttig zijn maar is tegelijkertijd in dit geval heel vluchtig en gaat maar zover. Een gesprek heeft meer lading en blijft - als je het goed aanpakt - langer kleven in het geheugen van je leidinggevende.

Ik, professional

Op het moment dat je een gesprek hebt met je leidinggevende, ben je even geen student of ‘meubilair’. Zorg ervoor dat je niet zo wordt gezien, je bent immers een collega die bakken aan nieuwe kennis heeft in te brengen. Benader het desnoods als sollicitatiegesprek.

Vermijd zinnen als “Ik weet dat ik nog maar student ben” en “Ik heb wellicht nog niet de ervaring die gewenst of nodig is”. Ondermijn jezelf niet. Je wilt juist dat men een ander beeld van je krijgt, dus het oude beeld moet vooral niet benoemd worden.

Mochten er vraagtekens worden gezet bij je ideeën, weerleg ze te allen tijde. Een briljant docent mediatraining leerde ons één woord: integendeel. Aangevuld met een goed onderbouwde motivatie werkt dit altijd. Dankjewel Johan.

De lat

Leg de lat hoog, maar niet Olympisch hoog. Je mag best als doel stellen dat men iets gaat doen met je inbreng, maar laat je er vooral niet door weerhouden het nog eens bespreekbaar te maken als dit niet zover komt. Want vergeet niet: ook al doet men niets met je input, men heeft je op de radar. En dat is ook een doel op zich.

Leg de vinger op de zere plek

Er is niks mis met vragen wat de reden is waarom men niet staat te springen iets met je ideeën te doen. Of kenbaar maken dat je meer uit je werk wilt halen. “Is er een reden dat er met mijn input niets wordt gedaan?” of “Ik wil graag de kans krijgen meer uit mijn werk te halen” klinkt vrij direct in de oren, maar is heel effectief. Voor mij heeft het in ieder geval veel gebracht, en ik denk dat dit nooit was gebeurd als ik het niet bespreekbaar had gemaakt.

Je doet het niet alleen

“Prima idee, maak er maar wat van en dan zie ik het vanzelf verschijnen”, is een uitspraak wat je de indruk geeft dat men je input waardeert en er daadwerkelijk iets mee wil doen. In de werkelijkheid ben je, als je niet oppast, terug bij af: de bal ligt weer alleen bij jou, maar wat je écht wilt is draagvlak creëren en er samen wat van maken. Wees duidelijk dat je graag het voortouw wilt nemen maar dat je het niet alleen wilt en kunt dragen.

Wat de uitkomst uiteindelijk ook mag zijn: je hebt in ieder geval laten zien dat je jezelf serieus neemt, en dat een ander dat ook zeker moet doen. Want alleen jíj hebt de macht te laten zien wat een ander (nog) niet ziet.

Tekst door: Marike Aertssen, student Communicatie Deeltijd. Volg haar op LinkedIn.

Lees verder

Blog Marike Aertssen - Bezint..... En begint10 oktober 2019, 09:28

Twee jaar later, een Associate’s Degree verder en tonnen aan kennis rijker. Klasgenoten die vaarwel hebben gezegd, klasgenoten die er nog steeds met volle energie tegenaan gaan en anderen die worstelen met het in balans houden van hun meerdere levens. Deeltijd studeren: verrijking of valkuil?

Randvoorwaarden

Tijdens de informatieavond werd verteld dat je als aspirant deeltijdstudent heel, héél goed moest realiseren waar je aan zou beginnen. Een derdejaarsstudent beaamde dit en deed er nog een schepje bovenop: ze werkte 40 uur in de week én had nog een gezin. De oorverdovende stilte die daarop volgde zei genoeg. Ik had voor mezelf de knoop al heel lang doorgehakt en wist 200% zeker dat ik de opleiding wilde gaan doen, ongeacht de randvoorwaarden. Ik kon me alleen wel voorstellen dat het praatje bij sommigen onrust inboezemde. Echt schokkend vond ik het allemaal niet: kennissen en collega’s die dezelfde weg bewandeld hadden, hadden me allang voorbereid op het deeltijdstudentenleven. Hobby’s? Schrap er daar maar een paar van. 6x per week sporten? Maak daar maar 2x van en pas je eetpatroon maar aan. Die wekelijkse vrijmibo met je vrienden? Oefen maar alvast met “Vanmiddag ga ik het niet redden, maar veel plezier!”. Ondanks deze vriendelijke waarschuwingen was ik niet echt onder de indruk. Want als je iets heel graag wilt moet je offers brengen, en voelt het als het goed is niet eens als een offer.  

De valkuil

De opleiding heb ik nooit onderschat, maar ik ben in het 2e studiejaar toch flink onderuit gegaan. Mijn valkuilen? Denken dat ik álles aankan, en dat rust en ontspanning begrippen zijn die horen bij de pensioenleeftijd. Tijdens het 2e studiejaar werkte ik op papier niet fulltime, maar in de praktijk ging ik hier met gemak overeen. Met regelmaat tikte ik de 70 uur aan waar ik bezig was met werk en studie. Toen ik in de winter de 5e week van over de 90 uur erop had zitten, móest ik wel aan de bel trekken. De balans was compleet verdwenen. Ik was uitgeput en wat ik het allerergst vond: de motivatie voor de opleiding werd minder. Daarnaast had ik weinig inspiratie om te schrijven en artikelen bleven uit. Een goed gesprek met mijn leidinggevende, een bak aan steun en tips van een aantal docenten en twee schrijfworkshops later heb ik het roer omgegooid.

De verrijking

Ondanks de perikelen van het 2e jaar en de toen regelmatig terugkomende gedachte “Waar ben ik in hemelsnaam aan begonnen?” heb ik er nog geen moment aan gedacht met de opleiding te stoppen. Ik vind leren fantastisch, en helemaal als het bijdraagt aan mijn doelen. Daarnaast geeft het me een enorme kick als ik hard heb gewerkt en ik krijg er een goede beoordeling voor. En helemaal als het een bizar goede beoordeling is. De dip verdwijnt op zo’n moment gelijk en je wordt eraan herinnerd waar je het voor doet. Daarnaast ben ik gezegend met een aantal geweldige klasgenoten. Want ook dat is belangrijk: je verrijkt jezelf niet alleen door kennis, maar ook door mensen.  

De lering

Inmiddels is het 3e studiejaar begonnen. Of ik er zin in heb? Absoluut! Gelukkig heb ik mezelf weten te herpakken en rustmomenten ingelast waardoor ik er weer vol tegenaan kan. De ervaring van vorig jaar heeft me alleen wel geleerd dat deeltijd studeren niet voor iedereen is, hoe hautain het wellicht klinkt. Je moet (vooral) jezelf goed in de gaten houden en jezelf in bescherming nemen als dit nodig is. Maak voor jezelf regelmatig de balans op: zit ik voor mijn gevoel nog op het juiste pad? Zijn er zaken die ik moet veranderen of waar ik aandacht aan moet besteden? Zelfreflectie is een noodzaak als je een deeltijdstudie wilt gaan volgen en volhouden om te voorkomen dat je jezelf verliest. Deeltijders zijn mensen met 3, 4 en soms wel 5 verschillende levens. De Deeltijdacademie is hierop ingesteld en je kan daarom altijd binnenlopen voor advies of wanneer je het gevoel hebt compleet vast te lopen. Vergeet ook vooral je klasgenoten niet: zij zitten in hetzelfde schuitje als jij en met hen kun je sparren over hoe zij zaken aanpakken en problemen oplossen. 

Nu klinkt het volgen van een deeltijdstudie als iets wat ik iedereen zou afraden, maar integendeel: ik kan het iedereen juist aanraden. Je doet zoveel leuke dingen, je ontmoet zoveel nieuwe leuke mensen. Weet waar je aan begint, maar ga ervoor. En geniet.

Tekst door: Marike Aertssen, student Communicatie Deeltijd. Volg haar op LinkedIn.

Lees verder
Eerdere artikelen